GEESTKUNDE
    inleiding
    inhoud
 1  de menselijke geest
 2  geest, ziel en lichaam
 3  de aanvangstoestand
 4  geestelijke ontwikkeling
 5  geestelijke hereniging
    samenvatting
    Geestkunde (boek)
    De Levensweg (boek)
    boekbesprekingen
    over de schrijver
    literatuuroverzicht
    verklarende woordenlijst
    Jezus
    Zo boven, zo beneden
    godsdienst en wetenschap
    Hildegard  visioenen
    Dante  La Commedia
    de Gulden Snede
    nieuwe openbaringen
    het 'ik' en het 'zelf'?
    gedicht
    teksten
    voor de jeugd
    gastenboek
    contact
    agenda
    colofon
    links

























Onbewust taalgebruik

Door het verschijnsel 'taal' en 'spraak' zijn twee menselijke geesten ook op aarde in staat zich met elkaar te verbinden en aan elkaar duidelijk te maken, wat er in hen leeft - ondanks de belemmeringen die het verblijf in het lichaam met zich meebrengen. Door met datgene wat er in hen leeft op de hersenen in te werken, kan door de mond heen het innerlijke leven van de geest in de buitenwereld met de taal hoorbaar worden gemaakt en vervolgens door andere geesten door te luisteren weer in zichzelf worden opgenomen. Als zij dezelfde taal spreken en ook de betékenis die zij aan de woorden toekennen dezelfde is, gaan zij meetrillen met wat er in de verwoordende geest aan gedachten en gevoelens leeft. Daardoor komt een kopie van wat in de ene geest leeft, ook in hen tot leven en kunnen zij de werkzaamheid van die geest 'volgen'.
Door de toestand van onbewuste vereenzelviging met het tijdelijke bestaan worden aandacht en toewijding naar buiten gericht; zij worden daardoor op de klánk van de woorden overgedragen. In die toestand worden woorden voor het gevoel pas tot een 'werkelijkheid' als zij in de buitenwereld tot klinken worden gebracht. Zolang ze alleen in de geest leven en daar door de zachte, innerlijke stem hoorbaar zijn, zijn het 'maar gedachten'. Dat heeft tot gevolg dat de klánk van het woord belangrijk wordt gevonden, terwijl de betékenis van het woord vaag kan blijven.


Die betekenis hangt samen met het innerlijke woordbeeld, het geestelijke lichtbeeld dat die betekenis weergeeft en alleen in de geest zelf aanwezig is, maar dat door de onbewustheid van de geest van zichzelf, niet wordt gezien. De geest is zich van de betekenis van het woord, dat in de vorm van een klank in de buitenwereld hoorbaar is, niet duidelijk bewust. Het woord als klank mist door de vereenzelviging met die klank voor een deel zijn innerlijke grondslag, het denkbeeld, het begrip, dat vaag blijft.
De toestand van onbewuste vereenzelviging met het uiterlijke heeft tot gevolg, dat de betekenis van de woorden die worden gebruikt, min of meer onduidelijk blijft; door die toestand is er sprake van een zekere mate van onbewust taalgebruik.
Enkele voorbeelden: het woord 'zelfstandigheid' wordt gebruikt, maar het betekenisvolle beeld dat daarbij hoort: 'zelf staande', wordt niet beseft; of het woord 'ontwikkelingsproces': een 'ontwikkeling' duidt zelf al een 'verloop', een 'voortgang' aan, maar van dat beeld is de geest zich blijkbaar niet bewust, wat de oorzaak is van het achtervoegsel 'proces', dat ook een 'verloop' aanduidt en daardoor overbodig is.

Het is door dit onbewuste taalgebruik dat talen voortdurend veranderen. Bij dat, wat wezenlijk is, de betekenis van woorden, wordt niet stilgestaan. Daardoor ontbreekt de vaste grondslag en worden woorden vluchtige klanken; zoals vlinders van de ene naar de andere bloem fladderen en daar even op blijven zitten, krijgen woorden in de loop der jaren andere betekenissen of sluipen ongemerkt fouten een taal in.
Klik hier voor een artikel van columniste Lydia Rood over dit onderwerp en hier voor een wetenschappelijk onderzoek naar 'napraten' door Gerrit Jan Kootstra.
Opmerkelijk is dat van de twee onderdelen van een taal, de spraakkunst (grammatica) en de woordenschat, de spraakkunst veel minder aan verandering onderhevig is. Als iemand de woordvolgorde in een zin verandert of een werkwoord verkeerd verbuigt, wordt die persoon onmiddellijk verbeterd, maar als een woord verkeerd wordt gebruikt, laat men het erbij zitten (omdat men het toch wel begrijpt, het zelf niet zo goed weet of niet de schoolmeester wil spelen).
Zeker bij het gebruik van leenwoorden wordt onbewust taalgebruik duidelijk. Als de betekenis van bepaalde leenwoorden bekend zou zijn, zouden sommige bevolkingsgroepen ze nooit meer gebruiken. Zo is bijvoorbeeld het woord 'enthousiasme' afkomstig van het Griekse 'en thousias', wat 'in god zijn' betekent. Toch wordt dit woord door hen die zich 'atheïst' noemen, gebruikt, terwijl dat woord 'zonder god' betekent. Een andere groep hangt het 'feminisme' aan, blijkbaar zonder te beseffen dat dit woord strijdig is met hun gedachtengoed, daar het woord 'femina' niet alleen 'de zogende' of 'vrouw' betekent, maar ook samenhangt met het Latijnse 'famulare': 'dienstbaar zijn'.
Hieronder een aantal veel gebruikte woorden waarvan veel sprekers niet zullen weten wat ze eigenlijk betekenen, of het niet meer weten, maar ze desalniettemin met de gerustheid van de onbewustheid toch gebruiken.
 
bloedverdunning
emotie
hallo
hartstikke
kennen en kunnen
OK
optie

prima
servicedienst
soap
'tussen de middag'
verontschuldiging
via


    terug naar de woordenlijst - naar boven

bloedverdunning
Bij een verhoogde neiging tot stolling van het bloed of bij onregelmatigheden in de bloedvaten die de oorzaak van ongewenste stolling van het bloed kunnen zijn, worden een aantal geneesmiddelen ingezet die de stolling tegengaan. Zij bewerken dus antistolling.
Sinds het begin van de antistollingtherapie wordt er echter gesproken over 'bloedverdunning' en 'bloedverdunners'. Verdund bloed is echter een levensbedreigende toestand. De nieren doen juist hun uiterste best het bloed en de bloedbestanddelen zoveel mogelijk binnen nauwe grenzen constant te houden! Als de nieren hierin falen en het bloed bijvoorbeeld zou verdunnen, is een spoedeisende ziekenhuisopname noodzakelijk.
Toch blijven zowel artsen als leken over 'bloedverdunners' spreken als men antistolling bedoelt. Dit verschijnsel geeft aan dat men niet stilstaat bij de betekenis van wat men zegt. Het is een voorbeeld van onbewust taalgebruik.

  terug naar de woordenlijst - naar boven
emotie
Het woord 'emotie' is afkomstig van het Latijnse werkwoord 'e-movere' dat niets anders dan: 'eruit bewegen' betekent. In het algemeen kan worden aangenomen dat men met het woord 'emotie' een 'gevoel' of beter een 'aandoening' bedoelt - wat in het geheel niet overeenkomt met de letterlijke betekenis van 'e-movere'. Maar ook deze samenhang wordt niet meer aangevoeld, getuige het voorkomen van zinnen als: "Ik voel de emotie". Bedoeld wordt te zeggen: Ik voel met hen mee", maar in plaats daarvan wordt een zin gebruikt die betekent: "Ik voel het gevoel". Door de vaagheid van het leenwoord 'emotie' is men zich er niet van bewust dat deze uitspraak betekenisloos is en dat nu niet meer wordt gezegd: "Ik voel met hen mee".
Het voorkomen van dit soort uitspraken is een aanwijzing voor het bestaan van het verschijnsel onbewust taalgebruik.

  terug naar de woordenlijst - naar boven

hallo
Het woord 'hallo' is afkomstig uit de tijd van de grote zeilschepen in het begin van de 20e eeuw. Matrozen hingen in de mast van het schip over de ra heen om de zeilen met de hand op te hijsen. Dat moest gelijkmatig gebeuren, waarom ze ritmisch tegen elkaar riepen 'haal op', in het Engels 'hold up'. Ze zeiden dit zo vaak tegen elkaar - en in feite in levensbedreigende omstandigheden - dat het een stopwoordje werd. Later werd dit niet alleen ter begroeting gebruikt, maar ook om elkaars aandacht te trekken of als uitroep van verbazing.
Als het wordt gebruikt i.p.v. de betekenisvolle woorden 'dáág' of 'goedemorgen', betekent dat dat de ander niet meer wordt aangesproken, maar wordt begroet met een betekenisloos geworden kreet. Men gebruikt een woord zonder de betekenis te kennen.

  terug naar de woordenlijst - naar boven

hartstikke
Het woord 'hartstikke' is een verbastering van het Middelnederlandse woord 'hartsteek', 'steek door het hart'. Het woord 'hartsteek' werd gebruikt in de uitdrukking 'door hartsteek dood' om aan te geven, op welke wijze iemand om het leven was gebracht, namelijk door met een dolk het hart te doorboren. In de tegenwoordige tijd hiermee overeenkomend zou zijn: 'door hartschot dood', gedood door een 'schot door het hart'.
Nu wordt het gebruikt in zinnen als: "Hartstikke bedankt!"; "Dat is hartstikke mooi!"; "Hartstikke leuk!" of "Ik hou hartstikke veel van hem!"

  terug naar de woordenlijst - naar boven

kennen en kunnen
In het verloop van de geestelijke werkzaamheid door een onderwerp waar te nemen, dat te overdenken en te doorvoelen en er vervolgens iets mee te willen doen, vindt door het waarnemen eerst een noodzakelijke bewustwording plaats, waardoor men het onderwerp leert kennen.
Het daardoor nu aan de geest bekende onderwerp kan worden verwerkt door het te overdenken en te doorvoelen, waarna er een wilsbesluit wordt gevormd. Door vervolgens met de wilskracht werkzaam te worden, kunnen er door de geest uitspraken worden gedaan en handelingen worden verricht. Door het vermogen te willen kan de geest iets met gedachten en gevoelens gaan doen.
Het werkwoord 'kennen' staat aan het begin van de geestelijke werkzaamheid, het werkwoord 'kunnen' aan het einde ervan. Het 'kunnen' kan alleen dan plaatsvinden, als het 'kennen' eraan vooraf is gegaan. Kennen en kunnen zijn, naast denken en voelen, wezenlijke eigenschappen van de geestelijke werkzaamheid. Het spreekwoord "Kennis is macht" betekent: alleen door iets te kennen, kunnen we er iets mee doen.
Dat beide werkwoorden in het alledaagse spraakgebruik met elkaar worden verwisseld doordat hun betekenis niet wordt begrepen, is een aanwijzing voor het bestaan van het verschijnsel onbewust taalgebruik.

  terug naar de woordenlijst - naar boven

OK of oké
Het 'woord' OK is in feite een afkorting en wel van 'Oud Kinderhoek', een plaatsje in de Verenigde Staten van Amerika, New York, gesticht begin 1600, dat door Engelssprekenden als Old Kinderhook wordt geschreven.
De geschiedenis vertelt dat senator Martin van Buren die daar vandaan kwam, gekozen wilde worden voor een tweede ambtstermijn in 1840. Hij werd daarbij gesteund door een club uit zijn woonplaats die zich de 'Democratic O.K. Club' noemde. De wijze waarop die club zich inzette, maakte zoveel indruk en werd zo gewaardeerd, dat de afkorting O.K. later de betekenis 'all right' kreeg.
Een andere uitleg is dat er in Oud Kinderhoek heerlijke appels werden geteeld, die in kratten met daarop 'O.K' werden verhandeld.
In het Nederlands komt het overeen met 'goed', 'in orde'. Het is het meest gebruikte stopwoordje ooit geworden, dat 'hè' evenaart. Het wordt zelfs twee of drie keer herhaald 'oké, oké' en ook in de vorm van een meewarig 'okéééé' gebruikt als een ander iets treurigs moet mededelen.
'OK' is doordat het overal voor wordt gebruikt een nietszeggende, inhoudsloze kreet geworden (zoals ook 'hoi' en 'hi' dat zijn). Het is in de plaats gekomen van uitingen als: 'fijn!', 'oh!', 'oh ja?', 'ach!', 'wat erg!', 'goh!', 'jammer! en ook nog wel voor wat het oorspronkelijk betekent: 'goed!' en 'in orde!'
Het gebruik van 'OK' anders dan als 'goed' wijst op het verschijnsel dan men niet stilstaat bij de diepere betekenis van woorden door de overdracht op de uiterlijke klank, door onbewuste vereenzelviging daarmee veroorzaakt.
Doordat de genoemde andere uitingen nu niet meer worden gebruikt, laat het ook duidelijk zien hoe door het gebruik van leenwoorden de Nederlandse taal wordt verarmd. Terwijl aan de andere kant heel de wereld nu Nederlands spreekt in de vorm van 'Oud Kinderhoek'.

  terug naar de woordenlijst - naar boven

optie
Het woord 'optie' is afkomstig uit het Latijn en betekent 'keuze', 'mogelijkheid', 'keuzemogelijkheid'.
Evenals 'OK' komt het woord 'optie' op vrijwel iedere computerpagina voor. Het wordt met verschillende betekenissen gebruikt, o.a. in de uitdrukking 'er zijn meerdere opties mogelijk', waar dan staat dat 'meerdere mogelijkheden mogelijk zijn'.

  terug naar de woordenlijst - naar boven

prima
Het woord 'prima' is afkomstig uit het Latijn en betekent 'eerste'. Het wordt net als 'OK' gebruikt in de betekenis van 'goed', 'in orde'.
De opeenvolging van de woorden: "Prima, hartstikke OK" zou een 'Nederlandse' zin kunnen zijn.

  terug naar de woordenlijst - naar boven

servicedienst
Het Engelse woord 'service' is afkomstig uit het Latijnse werkwoord 'servere' dat 'dienen' betekent. Het woord 'service' betekent 'dienst'.
Het regelmatig door bedrijven gebruikte woord 'servicedienst' betekent daardoor: 'dienstdienst'.

  terug naar de woordenlijst - naar boven

soap
Het Engelse woord 'soap' betekent 'zeep'. Het woord 'soap' wordt echter ook gebruikt om een 'familieserie' op de televisie aan te duiden.
De ontstaansgeschiedenis van dit taalgebruik is als volgt. Uit onderzoek bleek dat familieseries het meest door vrouwen worden bekeken. Wasmiddelfabrikanten speelden hierop in door reclames voor hun product, in feite een soort zeep, zo veel mogelijk vóór of ná deze familieseries op de televisie te vertonen. Familieseries werden a.h.w. ingepakt door hun zeepreclames.
In Amerika ontstond vervolgens het taalgebruik niet meer van een 'family serial' te spreken, maar van een 'soap'. De familieserie - waarin toch het gedrag t.o.v. elkaar in het alledaagse bestaan wordt getoond - 'mocht geen naam hebben' en het woord 'soap' kreeg bovendien de ongunstige bijklank van 'inhoudsloze klucht'.
Daarnaast werd aan een verschijnsel, de familieserie, de naam ontnomen die het van zichzelf heeft en vervangen door een woord dat er niets mee te maken heeft; een duidelijk voorbeeld van verhullend taalgebruik.

  terug naar de woordenlijst - naar boven

'tussen de middag'
In het Nederlands worden de delen van de dag benoemd met: de ochtend (of morgen), de namiddag en de avond. Tussen de ochtend en de namiddag ligt een tijdstip dat het 'midden van de dag' is, m.a.w. de 'middag', dat is het tijdstip dat de klok twaalf slaat.
Sinds de verarming van het Nederlandse onderwijs door de 'Mammoetwet' (een uitgestorven, voorwereldlijk dier, een rake typering!) van Cals (1968) wordt deze eenvoudige indeling niet meer aan leerlingen duidelijk gemaakt, getuige het feit dat de aanduiding 'namiddag' is verdwenen en dat dagdeel nu met 'middag' wordt aangeduid. Het woord 'namiddag' is nog wel bekend, maar betekent nu zoiets als 'aan het einde van de middag'.
Wat nu in zwang is geraakt, is de gewoonte om de 'middagpauze' (ongeveer tussen half een en twee) aan te duiden met de uitdrukking 'tussen de middag'. Deze uitdrukking is een ongerijmdheid (een net woord voor dwaasheid). Het woord 'tussen' duidt aan dat iets zich tussen twéé personen of zaken bevindt (het woord 'tussen' is afkomstig van het woord 'twee'). Wat wordt bedoeld te zeggen is: 'tussen de ochtend en de namiddag' (de middagpauze), maar de woorden 'ochtend' en 'namiddag' worden vervangen door één woord: 'middag'.

Dat deze ongerijmdheid niet wordt gehoord, is een aanwijzing voor het bestaan van het verschijnsel onbewust taalgebruik, waarbij niet wordt stilgestaan bij de betekenis van de woorden die men gebruikt.
Een oplossing zou zijn:
's ochtends: tussen 8 uur en 12 uur 30,
's middags: tussen 12 uur 30 en 2 uur,
namiddags: tussen 2 uur en 6 uur.
De Vlamingen gaan zorgvuldiger met het Nederlands om, daar komt deze uitdrukking niet voor en zij gebruiken nog juist: 'namiddag'.
Bij de Engelsen kan het niet misgaan want zij hebben gekozen voor de Latijnse uitdrukkingen 'ante meridiem' (a.m.): 'voor de middag' ('before noon') en 'post meridiem' (p.m.): 'na de middag' ('after noon').

  terug naar de woordenlijst - naar boven

verontschuldiging
Als iemand zich aan iets schuldig maakt door iets verkeerds te doen, dan laadt die persoon schuld op zich en is hij of zij de schuldige. In het geval dit ook tot die persoon doordringt, gaat hij of zij zich schuldig voelen. Komt die persoon er vervolgens ook nog toe die daad te betreuren, dan kan hij of zij spijt gaan voelen die daad te hebben begaan. Het schuldgevoel kan dan zo zwaar drukken dat die persoon besluit naar de betrokkene toe te gaan, aan hem of haar spijt te betuigen over het gebeurde en vervolgens aan de ander te vrágen: "Wilt u mij verontschuldigen!"
Immers, alleen de ander die leed is aangedaan, kan de spijtbetuiging aannemen en vervolgens zeggen: "Het is goed, ik scheld u uw schuld kwijt, ik verontschuldig u!" Het is alleen de leed-aangedane tegenpartij die tot de verontschuldiging kan besluiten en de verontschuldiging kan uitspreken, met andere woorden 'verontschuldiging kan aanbieden'. Door zijn of haar uitspraak wordt de schuldige van de schuld verlost en wordt 'ontschuldigd'.
Deze verhouding tussen de schuldige en de beledigde en de verontschuldiging die de belédigde partij kan voltrekken na een spijtbetuiging, wordt niet meer gezien. De uitdrukking 'verontschuldiging aanbieden' (of 'excuses aanbieden') door de schuldige, in plaats dat deze om 'verontschuldiging vraagt' (of 'excuseer mij'), is in zwang geraakt. De betekenis van het woord 'verontschuldiging' wordt niet meer beseft, wat in de hand is gewerkt door het gebruik van het leenwoord 'excuseren'; de betekenis is zelfs volledig omgekeerd, ze wordt niet meer gevraagd, maar aangeboden.
Hoe kan iemand die zelf schuldig is, 'veróntschuldiging aanbieden' aan de persoon die onschuldig is?!

Het voorkomen van deze verwisseling is een aanwijzing voor het bestaan van het verschijnsel onbewust taalgebruik; de betekenis van het woord dat men gebruikt, wordt niet begrepen.
In andere talen wordt het nog wel goed gezegd: "Excuser moi, s'il vous plait!", "Excuse me, please!", "Entschuldigung, bitte!" en daarmee overeenkomend zou het in het Nederlands moeten zijn: "Ik hoop dat u mij wilt verontschuldigen!"

  terug naar de woordenlijst - naar boven

via
Het woord 'via' is afkomstig uit het Latijn en betekent 'weg'. Het wordt gebruikt in plaats van een aantal Nederlandse woorden zoals: 'over', 'door', 'door middel van', 'in', 'bij', 'langs' en 'met', die in die zinnen nu niet meer voorkomen. In dit soort gevallen is het gebruik van een leenwoord niet een verrijking van het Nederlands, maar dreigt een verarming.
Een verrijking treedt alleen op als Nederlanders hun taal scheppend gebruiken en nieuwe woorden vormen, zoals 'fiets', 'dubbeltje', 'frisdrank', 'vliegtuig', 'rijwiel', 'stoep', 'zebrapad', 'koelkast', 'diepvries', 'postbode', 'stoplicht', 'verkeerslicht', 'brommer', 'spoorbomen', 'balpen', 'ritssluiting', 'klittenband', 'krultang', enzovoort.
In alle andere gevallen dreigt alleen maar het gevaar, dat een goed Nederlands woord in onbruik raakt, zoals 'aandoening' of 'gevoel', die door het betekenisloze woord 'emotie' ('eruit bewegen'), uit het Engels overgenomen, worden vervangen.

Veel van dit soort woorden en andere leenwoorden worden zonder beoordeling overgenomen uit het Engelse taalgebied. Terwijl anderen onbekommerd hún taal gebruiken, zijn de Engelsen zelf echter bang om een vreemde taal te spreken of vreemde woorden te gebruiken, getuige dit artikel in Taalpost (aanmelden: www.taalpost.nl. Taalpost wordt toegezonden door het 'Genootschap onze Taal': www.onzetaal.nl):
Veel Britten durven in het buitenland geen buitenlandse taal te spreken, uit angst dat ze dan 'dom' klinken, blijkt uit recent onderzoek. In een artikel in de Britse krant The Observer verzet de vertaler Michael Hofmann zich tegen deze angst van zijn landgenoten. Door vreemde talen te vermijden sluiten ze zich af van een groot deel van de wereld, meent Hofmann: "De zogenaamde 'wereldtaal' Engels wordt slechts door 7% van de aardbewoners gesproken; 75% van de mensen spreekt geen Engels. Talen behoren tot de oudste, diepste, geheimzinnigste, gedachtenrijkste menselijke uitvindingen. Minachting of gebrek aan belangstelling voor anderen lijkt mij geen beschaafde of zelfs maar verdraagbare stand van zaken."


  terug naar de woordenlijst - naar boven