GEESTKUNDE
    inleiding
    inhoud
 1  de menselijke geest
 2  geest, ziel en lichaam
 3  de aanvangstoestand
 4  geestelijke ontwikkeling
 5  geestelijke hereniging
    samenvatting
    Geestkunde (boek)
    De Levensweg (boek)
    recensies
    over de schrijver
    literatuuroverzicht
    verklarende woordenlijst
    nieuwe openbaringen
    Hildegard  Visioenen
    Dante  La Commedia
    De Gulden Snede
    gedicht
    teksten
    voor de jeugd
    gastenboek
    contact
    agenda
    colofon
    links

























Geestkunde

Geestkunde is de kennis
van jezelf als menselijke geest,
van de weg naar zelfverwerkelijking
en hereniging met de goddelijke algeest


Inleiding
(een samenvatting van De Levensweg)

Het onderwerp van deze verhandeling is geestkunde, zoals dat is beschreven in het boek De Levensweg van Freek van Leeuwen. Zo op het eerste gezicht lijkt geestkunde iets te zijn, wat niet van deze wereld is, maar in het verloop van deze verhandeling zal blijken dat we ons met geestkunde in feite ook bezighouden met de grote levensvragen:
  • wie ben ik,
  • waar kom ik vandaan,
  • waar ga ik naar toe en
  • hoe geef ik zin aan dit tijdelijke bestaan?
Waardoor geestkunde wel degelijk tot de ervaarbare werkelijkheid behoort; zij het dat het een ínnerlijke, geestelijke werkelijkheid is; het is de werkelijkheid van jezelf als geest in je eigen binnenwereld, tijdelijk verblijvend in de stoffelijke buitenwereld.

Omdat jij het zélf bent die zich deze vragen stelt, zullen we ons, om die vragen te kunnen beantwoorden, eerst moeten richten op de eerste vraag, die ook de kernvraag is: Wie ben ik?
Dat betekent dat we ons moeten gaan bezighouden met zelfkennis, met de kennis van het wézenlijke van onszelf. Dat wezenlijke is de menselijke geest. We moeten ons m.a.w. gaan bezighouden met geestkunde, want onder geestkunde wordt zelfkennis verstaan als de kennis van jezelf als geest, de kennis van het wézen dat je bent.

In geestkunde worden de volgende onderwerpen behandeld:
  • de geest als de bewuste levenskracht,
  • die over de geestelijke vermogens beschikt en
  • die daarmee een geestelijke ontwikkeling kan doormaken
  • die niet alleen leidt tot zelfverwerkelijking, maar ook
  • tot hereniging met de algeest, je geestelijke oorsprong.
Want bij geestkunde gaat het ook over de verhouding tot je medemensen naar buiten toe en die tot je geestelijke oorsprong naar binnen toe. Ga je geestkunde op jezelf toepassen, dan kun je daarmee niet alleen jezelf geestelijk ontwikkelen - wat de zin van je bestaan is - maar daardoor ook je verstandhouding met je medemensen verbeteren en je uiteindelijk met je geestelijke oorsprong herenigen; je kunt je herenigen met de bron waar je als geest ooit uit bent voortgekomen en ook weer naar toe zult gaan.


Het zinnebeeld 'algeestvonk'

De betekenis van het zinnebeeld 'algeestvonk' dat ik tijdens zelfbezinning mocht aanschouwen, is een weergave van de verhouding tussen
- de goddelijke algeest in de ongevormde oertoestand: de oneindige zee van geestelijk licht en geestelijke warmte, op de afbeelding a.h.w. de ruimte om het zinnebeeld heen,
- de menselijke geest die een bolvormige verdichting is van datzelfde licht en diezelfde warmte, de algeestvonk, uit en in de algeest,
- en Gods heilige geest die de menselijke geest begeleidt op een ontwikkelingstocht van de ongevormde naar de gevormde toestand, die met de menselijke geestgedaante van de heilige geest overeenkomt,
- terwijl de binnenkant van het zinnebeeld de scheppingsruimte weergeeft waarin de menselijke geest verblijft.


De omvorming vindt uit vrije keuze en op eigen kracht plaats in en door de menselijke geest, de druppelvorm in het hart van het zinnebeeld, daarbij gesteund en aangemoedigd door Gods heilige geest daaronder in de vorm van Gods hand.
In de scheppingsruimte kunnen Gods heilige geest en de menselijke geest elkaar als geestelijke zelfstandigheden ontmoeten.

terug naar boven