Geestkunde
geestkunde is de kennis
van jezelf als menselijke geest,
van de weg naar zelfverwerkelijking
en hereniging met de goddelijke algeest
Het is de menselijke geest die - door zijn
geestelijke vermogens te leren gebrui-
ken - een geestelijke ontwikkeling
doormaakt naar hereniging
met de algeest
Inleiding
Het onderwerp van deze verhandeling is geestkunde (spirituologie), zoals dat is beschreven in de boeken Geestkunde en De Levensweg van Freek van Leeuwen.
Zo op het eerste gezicht lijkt geestkunde iets te zijn wat niet van deze wereld is, maar in het verloop van deze verhandeling zal blijken dat we ons met geestkunde in feite ook bezighouden met de grote levensvragen:
- wie ben ik,
- waar kom ik vandaan,
- waar ga ik naar toe en
- hoe geef ik zin aan dit tijdelijke bestaan?
Waardoor geestkunde wel degelijk tot de ervaarbare werkelijkheid behoort; zij het dat het een ínnerlijke, geestelijke werkelijkheid is; het is de werkelijkheid van jezelf als geest in je eigen binnenwereld: de bewuste, vermogende levenskracht... die nú de betekenis van deze woorden, vanaf deze pagina, tot zichzelf door laat dringen.
Omdat jij het zélf bent die zich deze vragen stelt, zullen we ons, om die vragen te kunnen beantwoorden, eerst moeten richten op de eerste vraag, die ook de kernvraag is: Wie ben ik?
Dat betekent dat we ons moeten gaan bezighouden met zelfkennis, met de kennis van het wézenlijke van onszelf. Dat wezenlijke is: de menselijke geest als de bewuste, vermogende levenskracht.
We moeten ons m.a.w. gaan bezighouden met geestkunde, want onder geestkunde wordt zelfkennis verstaan als de kennis van jezelf als geest, de kennis van het eeuwige wézen dat je bent.
In geestkunde worden daartoe de volgende onderwerpen behandeld:
- de geest als de bewuste levenskracht,
- die over de geestelijke vermogens beschikt en
- die daarmee een geestelijke ontwikkeling kan doormaken
- die niet alleen leidt tot zelfverwerkelijking, maar ook
- tot hereniging met de algeest, je geestelijke oorsprong.
Want bij geestkunde gaat het ook over de verhouding tot je medemensen naar búiten toe en die tot je geestelijke oorsprong naar bínnen toe.
Ga je geestkunde op jezelf toepassen, dan kun je daarmee niet alleen jezelf geestelijk ontwikkelen - wat de zin van je bestaan is - maar daardoor ook je verstandhouding met je medemensen verbeteren en je uiteindelijk met je geestelijke oorsprong herenigen; je kunt je herenigen met de eeuwige bron waar je als geest ooit uit bent voortgekomen en ook weer naar onderweg bent.
terug naar boven
|