authentiek en authenticiteit


Het woord 'authentiek' betekent in het Nederlands: 'oorspronkelijk'.
Het woord is ontleend aan het Franse 'authentique', dat zelf weer afkomstig is van het Latijn 'authenticus': 'met eigen hand voltrekkend, zelf veroorzakend' en van het Griekse 'authentikós', van het zelfstandige naamwoord 'authéntès': 'die zelf doet', gevormd uit de beide woorden 'autos': 'zelf' en 'héntès': 'volbrenger'; m.a.w. 'die zelf maakt', 'die zelf schept', 'die zelfwerkzaam is'.

Diegene, die in de mens 'zelfwerkzaam is' (dus 'authentiek is') is de zelfwerkzame levenskracht, de menselijke geest. De geest kan zelfwerkzaam zijn middels de geestelijke vermogens: het vermogen gebeurtenissen waar te nemen, die waarnemingen te overdenken en te doorvoelen, en vervolgens een wilsbesluit te vormen om iets te willen doen vanuit de gevormde gedachten en gevoelens.

Het ontwikkelde denken bijvoorbeeld is het vermogen in het geestelijke licht van zichzelf als geest - de bolvormige wolk van geestelijk licht en geestelijke warmte - een denkbeeld te vormen in de vorm van een lichtbeeld. Door zelfstandig te denken vormt de geest in zichzelf, zelfscheppend, een denkbeeld; vervolgens is de geest in staat om - als die een taal heeft geleerd - dat denkbeeld om te zetten in een klank, een woord, en het denkbeeld naar anderen in de buitenwereld toe, te verwoorden.
Als zij willen luisteren, laten zij toe dat de woorden in hun eigen geestelijke licht het overeenkomstige denkbeeld vormen. Daardoor denken zij met de spreker mee en zij volgen het gesproken woord op de voet.

Als zij het met de spreker eens zijn, kunnen zij op dezelfde wijze gaan denken en spreken, maar zij praten de spreker dan na, zij zijn daardoor navolgers en niet meer oorspronkelijk, niet 'authentiek'.


terug naar de woordenlijst

terug naar het weblog







^